Bart De Wever kijkt vaak met veel bewondering naar Nederland en als burgemeester van Antwerpen al was er een nauwe samenwerking tussen de havens van Antwerpen en Rotterdam. Maar één ding viel onze premier op…
Bart De Wever kwam met een duidelijke uitspraak toen hij vorig academiejaar het openingscollege mocht geven aan de UGent. De premier liet eerder al verstaan dat hij de Benelux wil versterken, maar hoe ziet hij dat concreet?
“We moeten in beeld brengen wat de winst is van een geïntegreerde arbeidsmarkt en geïntegreerde dienstensector”, verduidelijkt De Wever. En dan volgt er een concreet voorbeeld…
“Als we de havens van Rotterdam en Antwerpen fusioneren, hebben we een onwaarschijnlijke machtspositie.” De reden is duidelijk…
“We spreken dezelfde taal. Als ik dat in Nederland vertel, krijg ik eerst de lachers. Tot je de winsten voorlegt, en dan is er geen tegenargument meer. De kans bestaat dat dan Europa ziet wat het opbrengt”, lezen we in De Standaard de redenering van premier De Wever. En die voegt er het volgende aan toe…
We staan op een kantelpunt, voegt Bart De Wever. “Ofwel schiet je in gang, ofwel spat je uit elkaar. We staan op dat existentiële moment. Dat kan slecht gaan, ik ga ervan uit dat het goed komt”, uit de premier zich plots als optimist, iets wat we van hem niet gewoon zijn.
